|
feb 1
|
Column GroenLinks Magazine
Een oude nieuwe lente
In het begin van deze eeuw kreeg ik een telefoontje van Thijs Jansen, toen
medewerker van het Wetenschappelijk Instituut van het CDA. Of ik niet samen
met hem een initiatief van de Rotterdamse wethouders Herman Meijer (GL) en
Sjaak van der Tak (CDA) wilde begeleiden om wethouders van beide partijen
met elkaar in contact te brengen en te onderzoeken of samenwerking ook op
nationaal niveau mogelijk is.
Dat leek mij wel wat.
We organiseerden vier bijeenkomsten met twaalf wethouders. Dat was niet
alleen erg gezellig, de dames en heren konden het ook inhoudelijk
wonderlijk goed met elkaar vinden. Het leidde tot een gloedvol manifest,
Een nieuwe lente, dat in maart 2001 aan de twee fractievoorzitters, Jaap de
Hoop Scheffer en Paul Rosenmöller, werd overhandigd. Ze stonden er wat
onbeholpen bij. Aan de De Hoop Scheffers gezicht was af te lezen dat hij er
totaal geen brood in zag, en ook Rosenmöller straalde niet bepaald
enthousiasme uit om zich te verbroederen met het hart van Neerlands
cultureel conservatisme: de christendemocratie. (Zie: Trouw, 24 maart 2001)
Dat hoefde ook niet, want niet veel later betrad Pim Fortuyn het politieke
strijdtoneel en werd alles anders.
Inmiddels zijn we tien jaar verder en zoekt het CDA wanhopig naar een
nieuwe koers en weet ook GroenLinks niet meer goed welke kant ze op moet
kijken. Ik wil niet opdringerig zijn, maar misschien is het een tip om dat
vergeten manifest nog eens uit de kast te trekken. Met gloedvolle zinnen als:
‘Wij worstelen met de vraag hoe wij onder moderne condities een politiek
kunnen ontwerpen die mensen weer greep geeft op hun bestaan. Wij lopen
steeds vaker vast in (…) een opdringerige economisering van het
beleidsmatig denken.’
Of: ‘Er is alle reden om het begrip ‘kleinschaligheid’ opnieuw te munten
als een ordenend begrip in het denken over de hedendaagse samenleving. Het
is een begrip dat in sociaal opzicht een tegenwicht biedt aan al die grote
ontwikkelingen als globalisering, informatisering en commercialisering die
mensen bestoken zonder enige boodschap te hebben aan hun lokale context.’
En: ‘Een sociale politiek die zoekt naar overzichtelijke
organisatievormen, en aansluiting zoekt bij betrokkenheid van burgers, kan
er niet omheen om hen ook reële zeggenschap te geven over de
maatschappelijke voorzieningen en organisaties die hen ten dienste staan.
Zo'n agenda van radicale democratisering van instituties vormt het nog
ongeschreven slothoofdstuk van het proces waarin de verhouding tussen
burgers, maatschappelijk middenveld en de (lokale) overheid ingrijpend
veranderen.’
Het lijkt wel of het vandaag geschreven is!
Ik denk dat het nauwelijks moeite kost om opnieuw twaalf wethouders
(apostelen!!) te vinden die er hun handtekening onder zetten. Ik vrees
alleen dat Maxime Verhagen en Jolande Sap bij overhandiging even zuur
kijken als hun voorgangers.
Van oudsher wedt men in Den Haag namelijk liever op de verkeerde paarden.
Deze column verschijnt in het GroenLinks Magazine van
februari 2012 . De tekst van het manifest kunt u rustig nog eens nalezen
via: het archief van deze site.
|