home
journalist
curr vitae
boeken
politicus
weblog
contact
links
sitemap
zoeken
JOS VAN DER LANS - WEBLOG

Via dit weblog wil ik u op de hoogte houden van columns die ik schrijf, van gebeurtenissen waar ik bij ben geweest, van zaken die mij opvallen, van meningen die in mij opwellen, of van andere persoonlijke wetenswaardigheden. Het kan van alles wat zijn en het is ook sterk afhankelijk van hoe druk ik het heb. Reageert u vooral, ik zorg ervoor dat het geplaatst wordt, mits het natuurlijk wel ergens op slaat.

Een waarschuwing: in de loop der jaren kunnen links gewijzigd zijn waardoor ze niet allemaal meer werken. Dat geldt ook voor teksten van artikelen die u via het weblog via een link van deze website zou kunnen halen. Wegens een conversie van word-documenten naar pdf-documenten werken dergelijke interne links in weblogberichten voor mei 2009 niet meer perfect. In dat geval kunt u de artikelen beter ophalen via de knoppen 'journalist/publicist' --> 'artikelen' of anders via de speciale knoppen van het betreffende tijdschrift waarin het werd geschreven.

Als u wilt reageren kunt u mij een e-mail sturen via info@josvdlans.nl

RSS feed van dit weblog
Kies een periode:
september 2010
augustus 2010
juli 2010
juni 2010
mei 2010
april 2010
maart 2010
februari 2010
januari 2010
december 2009
november 2009
oktober 2009
september 2009
augustus 2009
juli 2009
juni 2009
mei 2009
april 2009
maart 2009
februari 2009
januari 2009
december 2008
november 2008
oktober 2008
september 2008
augustus 2008
juli 2008
juni 2008
mei 2008
april 2008
maart 2008
februari 2008
januari 2008
december 2007
november 2007
oktober 2007
september 2007
augustus 2007
juli 2007
juni 2007
mei 2007
april 2007
maart 2007
februari 2007
januari 2007
december 2006
november 2006
oktober 2006
september 2006
augustus 2006
juli 2006
juni 2006
mei 2006
april 2006
maart 2006
februari 2006
januari 2006
december 2005
november 2005
oktober 2005
september 2005
augustus 2005
juli 2005
juni 2005
mei 2005
april 2005
maart 2005
februari 2005
januari 2005
december 2004
november 2004
oktober 2004
september 2004
augustus 2004
januari 2005
Jos Watergraafsmeer een maatje te groot
JosWatergraafsmeer was vandaag onze tegenstander. Een oude bekende, want we hebben deze jongens in de najaarscompetitie ook al getroffen. De eerste wedstrijd wonnen we nog van ze, maar de tweede wedstrijd waren we kansloos. Vandaag wisten we de wedstrijd tot de rust in evenwicht te houden. Er waren kansen over en weer, zij het dat JosWatergraafsmeer iets sterker was. De tweede helft brak ons vervolgens op. De spits van JosW. liep al snel dwars door onze verdediging heen en hoewel Spaakwielen de bal tot twee keer toe wist te pareren, rolde hij tenslotte akelig langzaam over de doellijn. Daarmee was de wedstrijd gelopen, binnen een kwartier stond het 0-3. Door opzwepend gebrul vanaf de zijlijn wist het publieke onze jongens nog op te zwepen tot 1-3 (doelpunt Leis, na goed doorzetten van Jelle), maar het dieptepunt van de wedstrijd was dat een lullig geschoten corner ongehinderd en rechtstreeks ons doel in rolde. Iedereen stond er bij en keek er naar. Kortom, Jos Watergraafsmeer is ons een maatje te groot: 1-4.
IJzeren Rijn (3): EK stelt lastige vragen
De commissie Verkeer & Waterstaat, waarvan ik voorzitter ben, is weer een stapje verder gekomen in de behandeling van het wetsontwerp met betrekking tot de IJzeren Rijn (zie dit weblog, 17 januari en 21 januari). De vraag die vorige week bij de commissie aan de orde kwam, was of het mogelijk is om “prejudicieel” aan het Internationale Gerechtshof (ICJ) de vraag voor te leggen of de twee verdragen van 1839 en 1843 nog voldoende grond bieden om de Belgische claim van 1) recht van doorgang door Nederland en 2) over een precies omschreven tracé te rechtvaardigen.
Welnu, nader onderzoek heeft opgeleverd dat het ICJ inderdaad rechtsmacht om geschillen tussen staten te beslissen en ook adviezen kan geven aan internationale organisaties. Daartoe kunnen staten (dus niet de EK) ook prejudiciële vragen stellen aan het ICJ (vgl.art.36 lid 2 Statuut ICJ) over de uitlegging van een verdrag, zoals het IJzeren Rijn verdrag. België moet dan wel accoord gaan met het voorleggen van de vraag door de Nederlandse regering. De EK kan de regering vragen om dit alsnog te doen of aan te geven waarom zij dit niet gedaan heeft.
Het moge duidelijk zijn dat de regering niet blij zal zijn als de Eerste Kamer daarop zou aandringen. De regering is immers al met België dit verdrag overeengekomen en heeft daarmee bij België de verwachting gewekt, dat de verplichtingen, die voortvloeien uit de verdragen van 1839 en 1843 worden erkend. Darop terugkomen is geen goede beurt ten opzichte van de zuiderburen, maar de Kamer moet zichzelf serieus nemen en zorgvuldigheid betrachten bij de vraag of de aannames van dit verdrag wel voldoende onderbouwd zijn.
Daarom vraagt de commissie de regering om antwoord te geven of zij
a. voldoende argumenten kan aandragen op grond waarvan zij tot de conclusie is gekomen, dat de uit de verdragen van 1839 en 1843 voortvloeiende verplichtingen thans nog onverkort gelden, en, in het bevestigende geval, welke deze argumenten zijn en tevens hoe de betreffende verplichtingen thans moeten worden omschreven;
b. heeft overwogen, of zij bij twijfel over de geldigheid van deze verplichtingen deze vraag aan het ICJ heeft voorgelegd, en, indien zij dit niet heeft overwogen, of zij bereid is, deze vraag alsnog aan het ICJ voor te leggen.
Wordt vervolgd als de regering antwoordt.
Geuzen rollen Kadoelen op
Morgen in 'Gazet van Antwerpen'
Eerste Kamer wil 'toets' IJzeren Rijn
AMSTERDAM - De Nederlandse Eerste Kamer - de evenknie van onze Senaat - wil "meer helderheid" over de basisverdragen waarop België en Nederland zich beroepen om hun dispuut over de IJzeren Rijn voor te leggen aan het Internationaal Arbitragehof. Alle fracties staan achter die vraag, aldus voorzitter Jos Van der Lans (GroenLinks) van de commissie Verkeer en Waterstaat. Wat de Eerste Kamer zal vragen wordt allicht dinsdag bepaald.
Begin vorig jaar stelden de Belgische en Nederlandse regeringen vast dat ze de financiële kwesties ivm de IJzeren Rijn niet door onderling overleg opgelost zouden krijgen. Beide regeringen gingen uiteindelijk akkoord zich te zullen neerleggen bij een uitspraak van het Internationaal Arbitragehof. Om die stap te mogen zetten is echter een verdrag nodig dat de instemming vereist van de parlementen. De Nederlandse Tweede Kamer deed er maanden over alvorens op 23 november 2004 op het groene knopje te drukken.
Nu ligt de verdragstekst voor in de Eerste Kamer. En die lijkt nog meer fundamentele vragen te stellen. Dinsdag raakte bekend dat de commissie Verkeer en Waterstaat eerst 'prejudiciële vragen' zou willen stellen aan het Internationaal Gerechtshof over het gewicht dat het Scheidingsverdrag van 1839 en het 'treinverdrag' van 1873 nog hebben. Zo'n procedure zou naar verluidt jaren duren.
"Ik heb begrepen dat die procedure wellicht niet kan", stelt voorzitter Van der Lans. "Maar er is over alle fracties heen veel twijfel. Er zijn te veel tegenstrijdigheden. Vooral dan over de onomstotelijkheid van het recht van doorgang (1839) en het tracé (1843). Wij willen dus meer materiaal verzamelen over dat dispuut en over de samenhang met de Europese wetgeving. Kortom: wij willen graag een second opinion. Er zijn nog allerlei manieren denkbaar om die te bekomen. Het is niet de bedoeling dit jaren te laten aanslepen."
Paul VERBRAEKEN
Referendum over Europese Grondwet

Vandaag behandelde de Eerste Kamer de initiatiefwet van de Tweede Kamerleden Farah Karimi (GroenLinks), Nesco Dubbelboer(PvdA) en Boris van der Ham (D66) die het mogelijk moet maken dat Nederland over het al dan niet instemmen met het voorstel tot een nieuwe Europese Grondwet een referendum kan gaan organiseren. Het is weliswaar slechts een 'raadgevend' referendum, want voor een echt correctief referendum moet de Grondwet gewijzgigd worden en dat heeft, zoals wij allen weten, Hans Wiegel in 1999 eigenhandig een stokje voor gestoken. Maar toch... het wordt voor het eerst dat het Nederlandse volk zich via de stembus in mei rechtstreeks kan uitspreken over een zeer brlangrijk onderwerp. Dat is dus een politiek succes van deze drie politici, die in de Eerste Kamer alleen op verzet stoten van het CDA en de ChristenUnie/SGP. Op de foto treft u naast de initiatiefnemers ook nog staatssecretaris Nicolai aan die namens de regering het woord voerde. Boris van der Ham zit links van Farah Karimi, Nesco Dubbelboer rechts.
IJzeren Rijn: cadeautje voor onze zuiderburen
Het reces is weer voorbij. Den Haag ontwaakt weer uit haar winterslaap. Dat de Tweede Kamer drie weken reces houdt is begrijpelijk: dat is een hondenbaan, dus al die mensen die voor de hele samenleving als aangeschoten wild fungeren, moet de tijd gegund worden om op adem te komen. Daar hoor je mij dus niet over. Maar dat de Eerste Kamer ook drie weken out of function is, is ronduit onbegrijpelijk. Naar verluidt is dat vanwege de Nieuwjaarsreceptie van de koningin, die altijd de tweede dinsdag van januari plaats vindt.
Maar goed, morgen begint de kermis weer. Ik heb mij ter voorbereiding vandaag gebogen over de kwestie IJzeren Rijn. In de Eerste Kamer is het verdrag aan de orde, waarin Nederland en België overeen komen om een aantal financiële kwesties met betrekking tot het reactiveren van de IJzeren Rijn aan een internationaal Arbitragehof voor te leggen.
Eerst maar even de feiten. In 1839 en 1843 zijn België en Nederland overeengekomen dat er een treinspoor aangelegd mag worden over Nederlands grondgebied, tussen zeg maar Weert en Roermond. Het precieze tracé van dit spoor is halverwege de 19e eeuw aangelegd en tot ongeveer 1990 gebruikt. We kennen dat als de IJzeren Rijn: een enkelvoudig spoortje dat er nog steeds ligt en natuurgebieden en steden doorkruist. België wil dit traject nu activeren en er een eigen soort Betuwelijn van maken die Antwerpen moet verbinden met het Ruhrgebied. Daarbij beroepen ze zich op de rechten die zij in 1839 en 1843 hebben verworven. Nederland heeft die rechten erkend, maar wel tegen de Belgen gezegd: jullie moeten het allemaal zelf betalen, inclusief alle noodzakelijke aanpassingen die nodig zijn om de goederenlijn te laten voldoen aan de Nederlandse milieu- en geluidsnormen, alsmede de aanpassingen die nodig zijn voor allerhande Europese richtlijnen. Naar schatting is dat zo’n 450 miljoen euro. Onze zuiderburen vinden dat we dat zelf moeten betalen. En daar komen beide landen niet uit, zodat de twee premiers Verhofstadt en Balkenende in juli 2003 hebben besloten deze geldkwestie aan een arbitragehof voor te leggen. Het verdrag moet dat mogelijk maken.
De domste fout is dat Nederland – naar eigen zeggen om de verhouding met de zuiderburen niet al te zeer te verstoren, we komen ze immers tegen als het gaat om de Westerschelde en de HSL – met dit verdrag instemt in het oude 19e eeuwse tracé. Dat betekent grote overlast in Weert en Roermond en dwars door een paar beschermde natuurgebieden. Daar voelt niemand in Limburg ook maar iets voor. België heeft ook een stokje gestoken voor het bestuderen van alternatieve, en betere trajecten, want dat is gegeven de verdragen van 1839 en 1843 niet aan de orde. Volgens internationale rechtsgeleerden slaat deze interpretatie van stokoude verdragen eigenlijk nergens op: de omstandigheden zijn immers zo veranderd dat het tamelijk onredelijk is om ze uit de mottenballen te halen. De regering bestrijdt die interpretatie omwille van de lieve vrede met de Belgen. Maar gaat daarmee dus klakkeloos akkoord met een beroerd tracé en als het tegenzit een peperdure rekening om deze goederenspoorlijn van extra voorzieningen te voorzien zodat hij voldoet aan allerhande wettelijke Nederlandse en Europese verplichtingen. Reden voor een aantal pittige vragen, die mij overigens werden ingefluisterd door allerhande actiegroepen die zich in midden-Limburg terecht woedend maken om deze uiterst dubieuze besluitvorming die de regering het liefst buiten het parlement had laten voltrekken.

U kunt de inbreng nalezen onder de knop > Eerste Kamer > scrollen naar Verkeer & Waterstaat > 2005-01 V&W - Inbreng IJzeren Rijn.doc



LUX maakt Nijmegen bijzonder

In Nijmegen is het prachtige culturele centrum LUX in financiele moeilijkheden geraakt. LUX is de opvolger van het oude O42, aan wiens wieg ik ooit nog heb gestaan. Voldoende reden om een verklaring te ondertekenen die vijftig min of meer bekende Nederlanders een dezer dagen in De Gelderlander publiceren en waar het gemeentebestuur wordt opgeroepen zuinig te zijn op dit unieke centrum. Hieronder een aantal fragmenten van die verklaring.

De laatste maanden bereiken ons berichten over de financiële problemen waar het culturele podium LUX mee te kampen heeft. Wethouder en gemeenteraad staan voor een moeilijke afweging. Heeft Nijmegen, in deze economisch zware tijden, extra geld over voor het voortbestaan van LUX zoals zich dat in de afgelopen jaren heeft ontwikkeld? Wij willen met dit schrijven onderstrepen dat LUX zich in onze ogen in haar relatief korte geschiedenis ontwikkeld heeft tot een opvallend en interessant fenomeen dat nergens in Nederland haar gelijke kent. De combinatie van film, podiumkunsten, debat en horeca in deze omvang is op zich al uniek in dit land. (…) De sociaal-culturele waarde van LUX staat ons inziens buiten kijf. 250.000 cultuurbezoekers, een voortdurend, zeer toegankelijk centrum voor burgers, politici, maatschappelijk middenveld, kunstenaars, ondernemers. LUX is veel meer dan de vrijetijdsbesteding van de lokale elite, het is één van de bindende, opiniërende en inspirerende elementen van stad en regio.(…) . LUX biedt mensen die cultuurparticipatie niet van jongsaf aan hebben meegkregen de mogelijkheid kennis te maken met diverse, voor hen nieuwe cultuuruitingen in een vertrouwde omgeving. Wij herkennen LUX als een typisch onderdeel van wat Nijmegen bijzonder maakt. Zonder Nijmegen was er geen LUX geweest. De kleinschaligheid, de ruimte voor subculturen, de universiteit, de sterke focus op sociaal-culturele kwesties, de onderlinge tolerantie. LUX is een kind van de waalstad. En die stad krijgt nu mede karakter door LUX. (…) Het is voor de stad Nijmegen lonend om daarop zuinig te zijn.

Patricia van Ballegooyen, Hans Onno van den Berg, Arend-Jan Boekestijn, Margreeth de Boer, Tom ter Bogt, Pierre Bokma, Hans Boutellier, Michiel Braam, Gabriël van den Brink, Guy Cassiers, Rietje Compiet, Jos van Eldonk, Cees Geel, Martin van Ginkel, Leon Gommers, Maria Goos, Bo van de Graaf, Peter Hagoort, Sandra den Hamer, Monique Hendrickx, Godelieve van Heteren, Malou van Hintum, Ed d’Hondt, Gerard Huisman, Jan Huysmans, Rob Jaspers, Machiel Karskens, Kees van Kersbergen, Chris Keulemans, Ellen Kocken, Alex Kuhne, Michael Lambrechtsen, Jos van der Lans, Pieter Leroy, Richard Lokhorst, Jos de Mul, Don Olthof, Jan van der Putten, Eddy Terstall, Turgay Tankir, Anneke Smelik, Sjoerd Soeters, Wim Stolwerk, Andre Stufkens, Jaffe Vink, Frans Vreede, Alex van Warmerdam, Wim Westerveld, Johan van de Woestijne, Hub Zwart.
Het conservatieve tekort
Dit zijn andere tijden. De gesprekken over maatschappelijke problemen verlopen anders dan – pakweg – vijf, tien jaar geleden. De toon is niet alleen verschillend, de posities zijn totaal gewisseld. Tot voor kort hadden de harde krachten, laten we ze voor het gemak haviken noemen, voortdurend het nakijken. Ze roerden zich wel, maar ze liepen steevast stuk op een muur van redelijkheid en nuance, die in Nederland werd opgetrokken door een goed geschoold leger van zachte krachten , die we voor hetzelfde gemak aanduiden als duiven. Het gevolg was dat ze zichzelf begonnen te overschreeuwen. En dan was het snel bekeken. Het havikengekrijs werd door de duiven weggezet als goedkope, rechtse of populistische praat en daarmee was de kous af.
Na 11 september, Fortuyn en Van Gogh gaat die vlieger niet meer op. De haviken zijn in de aanval. Als de duiven uit hun oude registers putten, worden ze meteen te kijk gezet als zachte heelmeesters en één wegwerpgebaar is afdoende om ze belachelijk te maken. Sterker: hun onvermogen is – aldus de zelfverzekerde haviken - de hoofdoorzaak van de problemen waar onze samenleving mee kampt. In een notedop is dat de conservatieve omslag die zich in het sociaal-intellectuele klimaat in Nederland heeft voltrokken. En als je de duiven zo bezig ziet, blijkt dat ze hun verdediging nog lang niet op orde hebben. Ze zijn een makkelijke prooi voor de bloeddorstige haviken, die uit elk voorval, incident of gebeurtenis het bewijs zien van hun gelijk.
Dat kan zo niet langer.
Omdat ik al decennialang een duif ben, is het de hoogste tijd voor een nader strategisch beraad onder de duiven. We moeten de haviken intelligenter gaan bestrijden en hun zwakke plekken opzoeken.
Dit zijn de eerste alinea's van mijn column die eind januari in het Tijdschrift voor de Sociale Sector te lezen zal staan. Wie nieuwsgierig is kan de tekst nu al ophalen onder de knop journalist > (rechts) Tijdschrift voor de Sociale Sector, en dan bovenaan: 2005-02 TSS - Het conservatieve tekort.doc
Nieuwjaarswens (2)

Nieuwjaarswens (1)