home
journalist
curr vitae
boeken
politicus
weblog
contact
links
sitemap
zoeken
JOS VAN DER LANS - WEBLOG

Via dit weblog wil ik u op de hoogte houden van columns die ik schrijf, van gebeurtenissen waar ik bij ben geweest, van zaken die mij opvallen, van meningen die in mij opwellen, of van andere persoonlijke wetenswaardigheden. Het kan van alles wat zijn en het is ook sterk afhankelijk van hoe druk ik het heb. Reageert u vooral, ik zorg ervoor dat het geplaatst wordt, mits het natuurlijk wel ergens op slaat.

Een waarschuwing: in de loop der jaren kunnen links gewijzigd zijn waardoor ze niet allemaal meer werken. Dat geldt ook voor teksten van artikelen die u via het weblog via een link van deze website zou kunnen halen. Wegens een conversie van word-documenten naar pdf-documenten werken dergelijke interne links in weblogberichten voor mei 2009 niet meer perfect. In dat geval kunt u de artikelen beter ophalen via de knoppen 'journalist/publicist' --> 'artikelen' of anders via de speciale knoppen van het betreffende tijdschrift waarin het werd geschreven.

Als u wilt reageren kunt u mij een e-mail sturen via info@josvdlans.nl

RSS feed van dit weblog
Kies een periode:
september 2010
augustus 2010
juli 2010
juni 2010
mei 2010
april 2010
maart 2010
februari 2010
januari 2010
december 2009
november 2009
oktober 2009
september 2009
augustus 2009
juli 2009
juni 2009
mei 2009
april 2009
maart 2009
februari 2009
januari 2009
december 2008
november 2008
oktober 2008
september 2008
augustus 2008
juli 2008
juni 2008
mei 2008
april 2008
maart 2008
februari 2008
januari 2008
december 2007
november 2007
oktober 2007
september 2007
augustus 2007
juli 2007
juni 2007
mei 2007
april 2007
maart 2007
februari 2007
januari 2007
december 2006
november 2006
oktober 2006
september 2006
augustus 2006
juli 2006
juni 2006
mei 2006
april 2006
maart 2006
februari 2006
januari 2006
december 2005
november 2005
oktober 2005
september 2005
augustus 2005
juli 2005
juni 2005
mei 2005
april 2005
maart 2005
februari 2005
januari 2005
december 2004
november 2004
oktober 2004
september 2004
augustus 2004
december 2004
Nieuwjaarswens
Grijs-kentekenleed (3)
Omdat deze site de laatste dagen regelmatig bezocht wordt door mensen die gedupeerd worden door het afschaffen van het grijze kenteken is het goed om te vermelden dat vandaag in de Eerste Kamer een motie in stemming is gebracht waarin werd gevraagd om – gezien de enorme financiele gevolgen voor een grote groep mensen – alsnog een redelijke overgangsregelingte treffen. De motie werd ondertekend door de PvdA, GroenLinks, SP en de ChristenUnie. Het was een ultieme poging om te voorkomen dat mensen van de ene op de andere dag met de gevolgen worden geconfronteerd.
Helaas heeft het niet mogen helpen. De motie werd verworpen door een meerderheid, bestaande uit het CDA, VVD en D66. Misschien is het goed als mensen hun ongenoegen nu voortaan ook bij deze partijen deponeren. Zij zijn tenslotte verantwoordelijk voor de ellende.

Voor de volledigheid hieronder nog even de motivatie waarmee het CDA meende tegen een fatsoenlijke overgangsregeling te moeten stemmen. (Letterlijk uit de Handelingen.)
De heer Essers (CDA): Voorzitter. Gelet op het feit dat de nieuwe regeling voor het grijs kenteken eerst over een halfjaar zal ingaan; en gelet op de vorige week door de staatssecretaris van Financiën in deze Kamer gedane toezeggingen met betrekking tot in de eerste plaats het behouden blijven van het grijs kenteken voor alle gehandicapten die als gevolg van hun handicap zijn aangewezen op een auto met een grijs kenteken; in de tweede plaats het niet met BPM belast zijn van de verkoop van een bestelauto door een particulier aan een ondernemer, ook als dit na 1 juli 2005 geschiedt, waardoor bij de vaststelling van de verkoopprijs van een dergelijke auto geen waardedrukkende effect uit zal gaan van de BPM; en in de derde plaats dat de Belastingdienst er streng op zal toezien dat geen nieuw onbedoeld gebruik van de regeling wordt gemaakt door BTW-ondernemers, zal de CDA-fractie tegen deze motie stemmen. Daarbij is tevens in aanmerking genomen dat een overgangsregeling generiek van aard dient te zijn, terwijl zich in de praktijk een grote diversiteit aan gevallen voordoet. Tevens kan elke overgangsregeling in dit kader er weer toe leiden dat nieuwe ongelijkheden ontstaan.
Grijs-kentekenleed (2)
Omdat er op deze en andere websites het nodige te doen is over een uitspraak die ik heb gedaan over grijskentenbezitters (zie mijn weblog van 29 november) meld ik hier wat wij daar in de Eerste Kamer over naar voren hebben gebracht. Het grijs kenteken was aan de orde tijdens de discussie in de Eerste Kamer over het Belastingplan 2005, afgelopen maandag 13 en dinsdag 14 december 2004. Onze woordvoerder, Tof Thissen, heeft daar – dus ook namens mij - het volgende gezegd, ik citeer uit de handelingen:

Het debat over het grijs kenteken heeft tot grote beroering in het land geleid. Grote beroering bij mensen die jaren geleden, weliswaar onbedoeld, gebruik hebben gemaakt van de mogelijkheid die het kabinet consequent heeft gelaten. Aanvankelijk was het grijs kenteken bedoeld voor ondernemend Nederland, maar particulieren hebben ook van die mogelijkheid gebruik kunnen maken. De overheid heeft dat gestimuleerd door het te gedogen. Het punt is dat deze groep heel hard wordt getroffen door het per 1 juli aanstaande onmogelijk te maken, terwijl het voor ondernemers in stand blijft. Wij zijn niet voor een grijs kenteken; niet voor ondernemers en ook niet voor particulieren. Wij zijn er wel voor om de groep die er jarenlang gebruik van heeft kunnen maken, die forse investeringen heeft gedaan en nu een groot deel van die investeringen als sneeuw voor de zon ziet verdwijnen, geleidelijk te laten wennen aan het nieuwe regime van wegenbelasting. Wij hebben een periode van drie jaar voor ogen. Wij houden een motie achter de hand om dat te vragen.
Wij zijn er zeer voor om naast het grijs kenteken, dat straks afgeschaft is, en het geel kenteken dat de meeste van ons hebben, een groen kenteken in te voeren om te stimuleren dat auto's gaan rijden op biogassen of met een zeer zuinige motor en met brandstof die niet extra vervuilend is. Hoe staat de staatssecretaris hier tegenover?
De huidige groep mensen die gebruikmaakt van het grijs kenteken, voelt zich wat besmuikt door de wijze waarop er in de publieke opinie, ook door leden van dit kabinet, over gesproken is, alsof men illegaal gebruik heeft gemaakt van een mogelijkheid. Ik denk dat de staatssecretaris daar krachtig afstand van moet nemen, want deze mensen hebben gewoon gebruikgemaakt van de mogelijkheid die werd geboden door de mazen in de regeling, terwijl opeenvolgende kabinetten daar niet tegen zijn opgetreden. Ik vind dat de staatssecretaris een ereschuld heeft om deze mensen gedurende drie jaar, enigszins gestaffeld afgebouwd, te compenseren.


Staatssecretaris J. Wijn heeft in het plenaire debat dat hierop volgde wel aan de Eerste Kamer toegezegd dat alle gehandicapten die zijn aangewezen op vervoer met een bestelbusje hun grijze kenteken mogen houden. Dit geldt ook voor gehandicapten die een opvouwbare rolstoel hebben. Maar van een vergangsregeling voor alle bezitters van een grijs kenteken wilde Wijn niets weten. Vandaar dat PvdA, GroenLinks, SP en ChristenUnie een motie indienden de regering ertoe te bewegen een redelijke overgangsregeling te treffen voor de bezitters van een grijs kenteken. Om deze motie aangenomen te krijgen is nog steun van CDA of VVD nodig. Dinsdag 21 december a.s. komt de motie in stemming.
Geuzen vertonen stijgende lijn
Met 7-0 had Zeeburgia ons thuis van de mat gespeeld, dus de Geuzen betraden vanochtend niet al te optimistisch het drassige veld van de Zeeburgianen. Zonder wissels bovendien, want Max S. en Jelle hadden zich afgemeld. Dus iedereen moest de volle 2 x 30 minuten aan de bak. De opstelling was als vertrouwd, zij het dat Jan P. een linie naar voren was geschoven, en het als linkshalf moest proberen.
Maar vanaf het eerste fluitsignaal stond het elftal als een huis. Er werd goed op de positie gespeeld. Het middenveld verdedigde consequent mee, de achterhoede sloot voortdurend goed aan, waardoor de aanval, waar Lewis een puike partij speelde, steeds vaker werd bediend. Natuurlijk was Zeeburgia sterker, maar ze kwamen er simpelweg niet doorheen, en zowaar ontstonden er in de loop van de eerste helft kansjes voor de Geuzen. De laatste vijf minuten van de eerste helft werden zelfs permanent op de helft van Zeeburgia doorgebracht, waarbij er steeds beter werd gecombineerd. Op de 0-0 stand bij de rust was dan ook niets aan te merken.
Helaas hielden de geuzen het hoge niveau in de tweede helft niet vast. De druk van Zeeburgia werd te groot, de concentratie verslapte, en na een minuut of vijf slalomde de spits van Zeeburgia door de achterhoede en wist de 1-0 op het scorebord te brengen. De Zeeburgianen dachten er meteen te zijn, en begonnen in hun achterhoede te knoeien. Goed doorzetten van Lewis bracht daarbij Maarten in balbezit die snel zag dat de keeper veel te ver van zijn doel verwijderd was. Met een droge schuiver wist hij de hoop in de harten van de GeuzenMiddenmeer-supporters weer te doen herleven: 1-1.
Het geluk bleek van korte duur. Zeeburgia begon opnieuw te drukken en slaagde er in het laatste kwartier in om twee keer te scoren, waarbij vooral de kopbal uit een corner erg fraai was. De Geuzen zaten er doorheen en waren blij toen de scheidsrechter de wedstrijd afblies. Ze hadden verloren, maar in vergelijking met ene maand geleden prima gespeeld. Er zit weer schot in de ploeg.
Daarmee zit de eerste competitiehelft erop. We hebben zeven punten gehaald uit tien wedstrijden, en zijn daarmee vierde geworden van de zes teams, waarbij moet worden aangetekend dat de laatste twee teams (Diemen en JosWatergraafsmeer) weliswaar vijf punten hebben, maar drie en twee wedstrijden minder hebben gespeeld. In januari beginnen we met de voorjaarscompetitie met een geheel schone lei. Kijken of we de voortgaande lijn van de laatste wedstrijden kunnen doorzetten.
NIEUW ASSISIË
Vandaag was ik in Biezenmortel in Brabant, op het langzaam leeglopende terrein van PRISMA, een grote Brabantse dienstverleningsinstelling voor mensen met een handicap. 66 Hectaren liggen hier te wachten op herbestemming. Dat is een geweldige uitdaging, waar de Raad van Bestuur van Prisma met overgave aan werkt. Ik ben gevraagd daar een soort visiedocument voor te schrijven. Het eerste concept bespraken we vandaag in de kantine van dit complex. Hier is iets moois in de maak.

In debat met Femke Halsema
De zaal in het Moluks Museum in Utrecht is goed gevuld. Het is een klein theatertje, en er zitten zo’n (schatting) 60 mensen in de zaal. De discussie gaat over vrijzinnig links, over de discussie die Femke Halsema eerder dit jaar is begonnen en mijn reactie daarop. Het is voor het eerst dat Femke en ik daarover met elkaar in debat gaan. Bij eerdere gelegenheden was ze door TK-werk verhinderd.
Het werd een leuk debat, met Femke in de hoofdrol en ik min of meer als aangever. De discussie gaat natuurlijk over: wat voor een partij is GroenLinks gegeven de nieuwe politieke omstandigheden (cultuurconservatieve omslag) en wat voor linkse partij is GL (temidden van de andere linkse partijen)? Femke en ik zijn het grotendeels eens (GL is de partij van de zachte waarden, van de culturele openheid, van de emancipatie), maar ik heb een veel moralistischer inslag dan Femke.
Dat is deels een stijlverschil – ik vind de aanval op ASO-bakken getuigen van een aantrekkelijk radicaal moralisme, dat zaken helder en scherp voor het voetlicht haalt, Femke vindt dat gruwelijk.
Maar daarachter gaan grotere verschillen schuil: Femke zweert bij de individuele keuzevrijheid, voor haar gaat het individu altijd voor de groep. Ik zie dan toch snel de schreeuwlelijken voor me, die geen boodschap hebben aan alles wat buiten hun gezichtveld valt. Dus ik doe liever uitspraken als: volwaardig burgerschap is het vermogen om rekening te houden met anderen. Dat is dus net een ander filosofisch moreel register. Ik vind dat GroenLinks de ouderwetse cultuurkritiek moet hernemen: er deugt immers weinig van onze hedendaagse cultuur. Maar ik heb ook moeite met uitspraken van Femke dat iedereen recht heeft op zijn eigen orthodoxie (die vervolgens door Femke bestreden wordt). Eerst de vrijheid, dan het debat. Dat is het motto. Dat zou je militant liberaal kunnen noemen.
Ik neig ertoe om moderne verworvenheden (gelijkheid mannen en vrouwen, onderscheid kerk en staat, religieuze tolerantie) als wezenlijk bestanddeel van onze samenleving te zien. Ik vind eigenlijk dat niemand recht heeft op orthodoxie, als hij daarmee zichzelf een legitimatie verwerft om bijvoorbeeld vrouwen te onderdrukken.
Als dat zo is dan vind ik vervolgens dat je van burgers van die samenleving commitment met die verworvenheden mag vragen. En dat je dus mag zeggen dat de verhouding tussen mannen en vrouwen in nogal wat allochtone opvattingen en praktijken onderdrukkend, achterhaald en onwenselijk is. Dat moet je aan de orde stellen. Dat kan je niet verbieden, maar wel moreel verwerpen. Dat doet Femke natuurlijk ook, maar ze is politiek diplomatieker, bewust voorzichtiger in haar taalgebruik (wat overigens niet verward moet worden met politieke correctheid).
Enfin, daar ging de discussie in Utrecht over en over nog veel meer dingen. Elke keer merk je toch weer dat het prachtig is om deel uit te maken van een partij die dit soort debatten op een hoog niveau openlijk kan voeren.
Rustig EK-dagje
Vandaag een rustig dagje voor mij in de senaat. Er is geen wet aan de orde die ik moet behandelen. Mooie gelegenheid om eens uit te leggen hoe zo’n dinsdag er voor mij uitziet. Ik arriveer meestal om tien uur. Meestal begint dan de plenaire vergadering om half twee en start mijn dag met de fractievergadering. Daarin nemen wij elkaars bijdragen door, alsmede wat er voorvalt in de wereld en in de partij. Zo’n vergadering duurt doorgaans zo’n anderhalf uur.
Maar december is de maand dat alles moet worden afgehandeld, omdat veel wetten voor 1 januari in de Staatscourant moeten staan. Dat betekent dat de druk op de Kamer toeneemt, en er eerder wordt begonnen met de vergadering. Soms al op maandagavond, meestal echter om tien uur dinsdagochtend. Dat is vandaag het geval, als de Kamer zich zet aan wat wij ‘de financiële beschouwingen’ noemen. Feitelijk is dat de totale begroting zoals minister Zalm die in elkaar heeft geflanst. Bijvoorbeeld het afschrijven van het grijs kenteken voor particulieren, staat vandaag ter discussie. Tof Thissen is hier onze woordvoerder, ik laat mij vandaag nauwelijks in de vergaderzaal zien.
Ik begin mijn post op te halen in mijn postvakje op de eerste etage. Inclusief het praatje met de mensen in de postkamer, plus het meteen wegwerken van de grootste onzin post kost me dat al snel een kwartiertje. Dan loop ik naar onze fractiekamer op de tweede etage, bestel een kan koffie, en installeer me op mijn plek waar ik de (mogelijk) interessante post doorneem.
Om kwart voor elk meld ik mijn in commisiekamer drie, waar ik een vergadering leid van de vaste kamercommissie van Verkeer en Waterstaat, waar ik voorzitter van ben. We hebben een ingewikkelde zaak aan de orde. We waren namelijk van plan om een wijziging van de luchtvaartwet inzake heffingen voor het luchtvaartverkeer als een hamerstuk af te doen. In de Tweede Kamer was de wet met algemene stemmen aangenomen en verder waren er geen grote politieke onenigheden over, dus dan gaat de Eerste Kamer daar niet eens goed voor zitten. Gewoon een hamerstuk.
Maar nu blijkt er in Tilburg een hoogleraar te zitten die er wel nog eens goed voor is gaan zitten en op allerlei wetsonregelmatigheden is gestoten. Die zouden er per amendement ingefietst zijn. Dat heeft hij aan het CDA-kamerlid Lemstra laten weten, en via de griffier werd mij als voorzitter dit probleem voorgelegd. Ik kan dan weinig anders dan de wet weghalen van de lijst hamerstukken en de commissie bijeen roepen.
Als die om kwart voor elf om de tafel zit, blijkt er inmiddels ook nog een ambtelijk antwoord te zijn van het departement, die volhoudt dat er niets aan de hand is. Dit is werk voor juristen, zoveel is duidelijk. We spreken af dat de deskundigen in de fractie de zaak nu eens grondig gaan bestuderen en dat we volgende week besluiten of we alsnog tot behandeling over gaan. Niemand weet ook precies wat de consequentie zal zijn als deze wet er niet voor 1 januari doorkomt. De griffier zal dat voor volgende week uitzoeken. Wordt dus vervolgd.
Daarna bezoek ik de vaste kamercommissie voor volksgezondheid. Weliswaar is Tof daar woordvoerder van, maar hij is dus bezig met de financiële beschouwingen waardoor ik hem even vervang. Er komt een enorm pakket zorgwetten aan die allemaal betrekking hebben op de stelselherziening van de gezondheidszorg en de introductie van marktwerking. We hebben er twee weken geleden al een paar gehad, maar na het reces volgen de wetten op de zorgverzekering (1), de zorgtoeslag (2), toegelaten zorginstellingen (3), de zorgautoriteit (4) en de marktordening (5). In die volgorde zullen we ze ook gaan behandelen, wat natuurlijk al een beetje vreemd is, want logischer is om eerst de vraag op te werpen of je wel marktwerking wil en in welke mate en dan pas de rest daarnaar te vormen. Nu wordt iedereen ervoor klaargezet, waar na je natuurlijk niets anders meer kunt. Zo gaat het vaker, en het zou geen kwaad kunnen als er ook eens een parlementair onderzoek wordt gedaan naar grote stelselherzieningsprojecten, zeg maar analoog aan wat de commissie Duyvestein heeft gedaan voor de Grote Infrastructurele Projecten. Dat zijn ook van die mammoeten die eenmaal in beweging niet meer te stoppen zijn. Het parlement kan dan alleen nog in de marge sturen, precies wat nu ook in de gezondheidszorg gebeurt.
Om twaalf uur houden we even, tijdens de lunch, een fractievergadering. We bespreken even hoe het loopt met de financiële beschouwingen. Komt er nog een motie over een overgangsregeling met betrekking tot het grijze kenteken? Antwoord: ja. Of die het haalt hangt van CDA af. Leo, die vandaag debateert over het handelen van de regering mbt het wijzigen van de grondwet (dit wordt te moeilijk om in kort bestek uit te leggen), rapporteert over zijn debat. Diana neemt volgende week de no-claim-wet van Tof over, en dan is er nog wat klein grut.
Bij het begin van de middagvergadering stemmen we over een vreemdelingenwet (geen idee waar dat precies over gaat, we zijn wel tegen) en zetten de beraadslagingen zich voort. Ik maak me druk over het feit dat collega Ronald van Raak is afgewezen als verkiezingswaarnemer voor de Palestijnse presidentsverkiezingen op 9 januari. Ik ben wel goedgekeurd. Eerst wordt het parlement gevraagd mensen aan te wijzen (want het is belangrijk dat parlementariërs belangstelling tonen), maar als er dan iemand voorgedragen wordt zeggen ze: ja die heeft te weinig ervaring die weigeren we. Wat er op neerkomt dat de hele SP-fractie nooit iemand zou kunnen sturen. Want hoe doe je ervaring op als je nooit mag? Ik bied mijn plaats aan Ronald, en er gaat deze week een hoop politiek getouwtrek volgen. Desnoods ga ik niet, besluit ik.
Ik heb nog een commissie Economische Zaken, vervolgens Milieu en tenslotte een voorzittersoverleg van de commissies EZ, V&W, Milieu, Volkshuisvesting & Ruimtelijke Ordening en LNV. Om af te zijn van de rituele begrotingsbehandelingen in het voorjaar van 2005 heeft Marbeth Bierman (VVD, voorzitter ROM) het idee geopperd om een keer tot een integrale begrotingsbehandeling te komen, waarbij we als thema nemen de vraag of we wel op een consistente, toekomstbestendige manier bezig zijn met onze economische ruimtelijke infrastructuur ontwikkeling. Passen de Nota mobiliteit, Nota Ruimte, Vitaal Platteland, Nederland Innovatieland wel op elkaar? Spreken ze dezelfde taal, leiden ze tot beleid dat elkaar versterkt? Is het internationaal nog wel relevant? We willen een stuk of zeven bewindslieden laten komen tijdens ene debat op 22 maart, en dat goed voorbereiden door een aantal deskundigen uit te nodigen. Daarover vergaderen we een half uurtje. Ook dat ronden we volgende week af.
Inmiddels is het vijf uur. Tof is nog steeds financieel aan het beschouwen, mijn dag zit er op. Ik ga naar huis, heb om half zes de trein, ben om kwart voor zeven thuis. Rustig dagje vandaag. Kan ik vanavond nog even werken.
Geuzen spelen Diemenaren van de mat
Het was bij de warming-up al te zien. De mannen van GeuzenMiddenmeer hadden er zin in. Zonder enige aansporing brachten zij hun spieren op de juiste temperatuur, en toen het fluitsignaal voor de aftrap van de wedstrijd tegen Diemen D6 had geklonken trokken ze meteen ten aanval. De combinaties die in voorafgaande wedstrijden voor geen meter lukten, liepen ineens wel. Ballen werden tijdig onderschept en de achterhoede met Mees en Max S. op de flanken speelde scherp en zette – precies zoals Johand Cruijf het altijd graag ziet – op tijd druk naar voren.
Onmiskenbaar in ons voordeel was het feit feit dat Rinus, tijdens het seizoen getransfereerd naar de D1, vandaag weer in de spits opereerde omdat de D1 vrij was. Dat scheelde een slok op een borrel. Hij zorgde voor een permanente dreiging. Hij was het ook die de nul-nul van het scorebord joeg toen hij na vier minuten na fel jagen de bal onderschepte en zich daarmee een vrije toegang naar de Diemen-keeper verschafte. Met een droge knal wist hij de uitkomende keeper te verschalken: 1-0.
Dat smaakte naar meer en de Geuzen bleven goed comiberen en op de bal jagen. Op links vonden Lewis en Dani elkaar regelmatig ondanks het feit dat hun tegenstanders koppen groter waren. Zo’n soepele combinatie leverde na acht minuten een corner op. Rinus liet de bal vlak achter de eerste paal neerkomen en Thomas liep de bal – een beetje tot zijn eigen verbazing – het doel in: 2-0. Het was lang geleden dat de Geuzen zo’n voorsprong hadden genkoesterd en het was lang geleden dat Thomas gescoord had.
Maar Diemen liet het er niet bij zitten. Aan de linkerkant kwamen ze een paar keer gevaarlijk door en het was dankzij het alerte optreden van libero Joaquim en voorstopper Max T. dat de Diemerspitsen niet echt gevaarlijk werden. Toch braken zij na een kwartier op rechts door, en kon keeper Shaquille het schot met moeite keren. Hij stompte de bal bovendien precies voor de voeten van de geheel vrij staande spits, die daarvan zo schrok dat hij vergat te schieten en toen hij er wel aan dacht, was Mees inmiddels ter plekke om hem het scoren te beletten.
Dat was meteen de enige kans van Diemen uit de eerste helft. De Geuzen namen weer het initiatief, Maarten en Jelle trokken het middenveld naar zich toe en wisten juist op tijd Rinus aan te spelen. Een die heeft aan een kleine kans genoeg: 3-0. Dat was ook meteen de ruststand.
Met één wissel (Jan verving de uitstekend spelende Mees) begon Geuzen aan de tweede helft. Diemen was kennelijk stevig toegesproken in de kleedkamer, want de jongens kwamen fanatiek uit de startblokken. Meer en meer begonnen ze te drukken op de achterhoede van de Geuzen en Shaquille moest regelmatig de handen uit zijn mouwen steken. Een doelpunt hing in de lucht, en zeker bij corners scheelde het een haar of de bal was tegend e touwen gegaan. Maar net op tijd wisten Joaquim, Max, Jan of Max S. er een been tussen te krijgen.
En zoals het zo vaak gaat: de goal viel aan de andere kant. Uit een corner van Rinus wisten de Diemenaren de bal niet tijdig weg te werken en Max T., die altijd naar voren komt bij corners, profiteerde gretig: 4-0. Nu was het weer evend e beurt aan de Geuzen. Thomas kopte de bol opnieuw uit een corner van Rinus goed getimend net over de kruising en even later was het Rinus die door de defensie van Diemen gleed en de bal keurig tegendraads de hoek in schoof: 5-0. Het was ministens zo’n jaar geleden dat de Geuzen zo’n stand op het scorebord in hun voordeel hadden meegemaakt.
Maar het beste was inmiddels er wel van af. Het middenveld had zich uit de naad gewerkt, en begon nu duidelijk snelheid en adem te kort te komen. De Dfiemenaren herpakten zich nog eenmaal. Eindelijk wist hun spits, die tot nu toe alleen maar had uitgeblonken in klagen en kankeren te scoren, een kunstje dat hij een paar minuten later nog eens herhaalde. Maar het was te laat, de laatste minuten werden professioneel uitgevoetbald, waarna de Geuzen in de kantine getrakteerd werden op een broodje bal of een portie frites. Dat hadden ze dik verdiend.
Links en de cultuur van vernedering
Hij had de hele avond niks gezegd. Maar toen het gesprek over integratie ging, leunde hij een beetje achterover, strekte zijn benen en deed zijn mond open. Het was even voor tien uur, en de discussieavond van de afdeling GroenLinks in Dordrecht was tot dat moment alle kanten opgeschoten. De opkomst was teleurstellend: twaalf mensen, inclusief het afdelingsbestuur. In de bovenzaal van café Bacchus in het hartje centrum waren we in een kring gaan zitten en ik had de aantekeningen voor een inleiding over de toekomst van de politiek mijn tas weer ingeschoven. Voor een kringgesprek heb je geen papiertje nodig.
Het was een geanimeerd gesprek. Het is een van de vele paradoxen die de moderne politiek kenmerkt: het streven is om zo veel mogelijk mensen op de been te krijgen, maar de wet is dat de discussie interessnater is naarmate er minder komen. Grote zalen spreek je toe, kleine gezelschappen kan je hardop laten denken.
Zo naderden we vanzelf het tijdstip van tien uur. Hij had nog niets gezegd. En ineens meldde hij: ‘Tot twee jaar geleden zei ik van mezelf dat ik een Nederlander was. Ik ben hier geboren, heb een opleiding tot ingenieur gehad, ik was Nederlander. Tegenwoordig zeg ik dat ik Turk ben. Wat heeft het voor zin om te zeggen dat ik een Nederlander ben, als uit alles blijkt dat ik er niet bijhoor. Ik heb prima papieren, maar geen baan. Ik word niet uitgenodigd bij sollicitaties. Ik word overal als een vreemde aangekeken, als een buitenstaander. Als dat mijn plek is dan kan ik toch ook maar beter een Turk zijn. Ik zit in het bestuur van de moskee, want daar ben ik voor gevraagd. Daar hebben ze me nodig, daar kan ik iets betekenen. Hoezo integratie?’
Geen baard, geen jurk, vloeiend Nederlands en uiterlijk onbewogen. Maar diep in zijn ziel geraakt. Levend in een cultuur van permanente vernedering, van wantrouwende blikken, van miniscule onbeleefdheden, van afwijzen. Dat is voor honderdduizenden mensen in de kracht van hun leven inmiddels een dagelijkse ervaring geworden. Er niet bij horen. Niet bij de lol van de disco’s, niet in de winkel, niet op de werkvloer. Achteraan staan als de kansen verdeeld worden, en meestal valt net als je aan de beurt bent de deur in het slot.
Wie solidariseert zich nog met hem? Wie gaat er naast hem staan en zegt: dat pikken we niet. Dat hangen we aan de grote klok. Wie gaat die werkgevers een beschuldigende vinger toesteken? Wie klaagt de discotheekeigenaren aan? Wie maakt een zwarte lijst? Wie durft zijn nek uit te steken? Wie durft al die politiek correcte dingen gewoon weer te gaan zeggen? Wie durft te melden aan Verdonk dat als ze haat zaait, haat zal oogsten?
Links, lijkt me. Want als ze dat niet gaat doen, is ze geen knip voor de neus meer waard. Dat waren mijn laatste woorden in het kringgesprek in Dordrecht, voordat ik in vliegende vaart het bovenzaaltje verliet om op tijd mijn trein naar Amsterdam te halen.
Prins Bernhard is dood, leve Henk Vredeling
Prins Bernhard is dood. Hij is woensdag 1 december gestorven, tijdens Feijenoord-Schalke, zeg maar. Hij is 93 jaar geworden en vijftig keer geopereerd. Ik weet niet of ik nu hele volksstammen beledig, maar met zo’n medisch dossier heb je het ook wel gehad, denk ik. Hij is dus dood, zand erover.
Maar zo werkt het dus niet in een monarchie, er komt een hele machinerie op gang, waarvan elke minuut geregistreerd wordt door de camera’s van de publieke omroep, waarbij Maartje van Weegen regelmatig met mensen om tafel zit alsof het pauze is in een voetbalwedstrijd.
De eindeloze hoeveelheid herhalingen doet ook al vermoeden dat het hier een cruciale sportwedstrijd betreft. We hebben de prins de afgelopen dagen net zo vaak het paleis Soestdijk zien uitrijden als dat we de afgelopen zomer getuige waren van de (foutieve) wissel van Arjan Robben tegen Tsjechië. Moeten we daardoor extra droevig worden? Hallo, Maartje, de man was 93!!!
En dan al die terugblikken. Wat een bijzondere man! Oke, een paar smetjes, maar zonder Bernhard was het Wereld Natuurfonds nooit geweest wat het is geworden (quote Van Agt). Wat een gelul. Een verzetsleider is heen gegaan, een groot man. Asjeblieft.
Briljant was het interview dat Paul Witteman had met Henk Vredeling, minister van Defesnie in het kabinet Den Uyl, de man die na de Lockheed-affaire naar Soestdijk trok om de prins te melden dat hij zijn uniform moest inleveren. Geweldig. Vredeling vond Bernhard een blaaskaak, een man die zich in principe nergens wat van aantrok, die rond liep met een air ‘mij kunnen ze niks maken’ en daar altijd naar handelde. Een man die zich verheven voelde, en dat is precies het type mens waar Henk Vredeling, en ik met hem, niets van moet hebben. En daar ging hij nu nog eens goed voor zitten.
In de jaren zeventig heb ik Henk Vredeling wel eens verfoeid, vanwege zijn onsterfelijke uitspraak dat PvdA-congressen geen straaljagers kopen. Ik vond dat ze die wel mochten kopen. Maar nu, ruim een kwart eeuw later, ben ik alsnog geneigd Henk Vredeling gelijk te geven. Iemand ide in die roerige jaren prins Bernhard maar een rare kwast vond, en dat ook na zijn dood met een strak gezicht volhoudt, mag van mij straaljagers komen zoveel hij wil. Zolang ze maar niet door Lockheed worden vervaardigd.